
De stijgende Leeuw maakt een andere indruk dan de dalende Leeuw. Bij het stijgen is de vooruitgestoken borst beeldbepalend, bij het dalen het achterlijf met de staart.
De positie van de Leeuw en Saturnus midden december, midden februari en midden
april om middernacht. In de periode dat de Leeuw en Saturnus (bijna) de gehele
nacht zichtbaar zijn, beweegt de planeet westwaarts langs de sterren.
Door de aanwezigheid van de planeet verliest het sterrenbeeld karakteristieke
eigenschappen.