Mercurius slingert zich om Venus

Tot 5 januari is er nog de gelegenheid Mercurius ‘s ochtends een uur te zien. Deze schemeringsplaneet is maar heel weinig zichtbaar, pas in maart zal hij weer verschijnen. Wanneer het helder weer is, loont het zich ‘s ochtends tegen 7.15 uur op een plek te zijn waar een goed zicht is op de zuidoostelijke hemel. Mercurius kan een kwartier na zijn opkomst (op 3 januari om 7.05  uur) met het blote oog worden waargenomen. Dankzij de veel heldere Venus is hij relatief gemakkelijk te vinden, zoek hem rechtsboven Venus. Een uur lang blijft hij zichtbaar. Dan verbleekt hij steeds meer in het licht van de opkomende zon. Om 8.15 uur, een half uur voor zonsopkomst, is de hemel te licht om hem nog gemakkelijk te kunnen vinden. Zie de afbeelding

De positie van de beide schemeringsplaneten verandert van dag tot dag. Ze naderen de zon, komen de volgende ochtend ongeveer twee minuten later op en staan op een bepaald tijdstip iets lager, vergelijk 1 januari met 5 januari. Mercurius nadert de zon iets sneller dan Venus, begin januari zijn de verschillen echter miniem.

De snelle Mercurius slingert voortdurend om de zon, nu eens staat hij ten oosten van de zon, dan ten westen. In een jaar passeert hij zes à zeven keer de zon en bereikt hij even vaak zijn grootste hoekafstand tot de zon. De ene keer staat hij 18 graden verwijderd van de zon, wanneer hij weer naar hem teruggaat, een andere keer is zijn afstand tot de zon aanzienlijk groter, 28 graden. Op 29 december liep hij aan Venus bovenlangs voorbij en bereikte hij daarna zijn zogenaamde grootste westelijke elongatie (22 graden ten westen van de zon). Begin januari nadert hij de zon net iets sneller dan Venus en op 14 januari zal hij weer aan haar voorbij trekken, dan onderlangs. Tot die tijd blijven de beide schemeringsplaneten heel dicht bij elkaar. Mercurius beschrijft  als het ware een lus om Venus, hij slingert zich om haar heen. Helaas staat de lichtzwakkere Mercurius vanaf 6 januari al weer te dicht bij de zon om nog gezien te kunnen worden en Venus verdwijnt kort erna, vanaf midden januari is ook zij tijdens de ochtendschemering niet meer zichtbaar.
 

Een vijfvoudige conjunctie

In juni en juli zal Mercurius weer wekenlang dicht bij Venus staan en twee keer haar passeren, dan bevinden ze zich aan de avondhemel. In de tussentijd, in maart, lopen ze een keer heel snel aan elkaar voorbij, dat gebeurt dicht bij de zon. Venus wordt in die dagen van ochtend- tot avondplaneet. In de literatuur wordt gesproken over een vijfvoudige conjunctie: Mercurius slingert zich om Venus aan de ochtendhemel, passeert haar snel in de directe nabijheid van de zon en slingert nog eens om haar heen als avondplaneet.
Van alle planeten heeft Mercurius veruit de meeste (onzichtbare) conjuncties. Jaarlijks passeert hij minimaal een keer Saturnus en Jupiter. Vaak beweegt hij aan de avond- of aan de ochtendhemel even met hen mee en heeft dan twee conjuncties met hen. Een vijfvoudige conjunctie is echter niet mogelijk, dat kan alleen plaatsvinden tussen Mercurius en Venus of Mars, wanneer hij schemeringsplaneet is.

De vijfvoudige Mercurius-Mars-conjuncties vinden altijd in tegengestelde richting plaats: eerst staan beide aan de avondhemel langere tijd vlak bij elkaar, na de snelle Mercurius-Mars samenstand in de directe nabijheid van de zon slingert Mercurius aan de ochtendhemel om Mars.

De Griekse God Hermes (Latijnse naam: Mercurius) wordt ook genoemd de bemiddelaar. De hemel laat zien dat de bemiddelaar zich onderscheidt door zijn vele conjuncties en zijn slingerachtige beweging. Hij kan telkens opnieuw met een planeet even meebewegen en verblijft relatief vaak langere tijd bij Venus of Mars.