Wanneer in het vroege voorjaar de maan 's avonds als een sierlijke sikkel aan de hemel verschijnt, is zij opvallend aanwezig. Ze staat relatief hoog en blijft urenlang aan de donkere avondhemel intensief oplichten. In april gaat de maan als avondsikkel door de Ram, Stier en Tweelingen. Juist nu de wassende maan door haar steile positie er uitziet als een paar horens, verschijnt ze tussen de horens van de Stier.
Het gebeuren aan de hemel wordt tot een verhaal, wanneer je volgt hoe de maansikkel de planeten nadert en zich van hen verwijdert. Van 21 tot 26 april verhoudt de sikkel zich elke dag anders tot Venus, Mars en Saturnus, die ook aan de westelijke hemel te zien zijn. Dat is dit jaar een gelukkige constellatie.
De wassende maan verwijdert zich van de ondergaande zon. Op 21 en 22 april nadert ze de planeten. Je kunt zien dat de afstand van de maan tot Venus en Mars in de loop van de avond afneemt.
De sikkel nadert hen als het ware met een omarmend gebaar..
Op 23 april passeert de sikkel Venus overdag en Mars in de loop van de avond. In de nacht van 23 op 24 april gaat de maan als laatste van de drie onder. De volgende avond staat een grotere sikkel links, ten oosten van Mars en Venus, en verwijdert zich in de loop van de avond nog verder van hen.
De avondsikkel keert als het ware haar rug naar de planeten en gaat er snel vandoor, op weg naar de volgende planeet.
Zij nadert Saturnus. Vergelijk de wijde samenstand op zaterdagavond 24 april met die op de zondagavond. Hoe anders ziet de hemel eruit wanneer de avondsikkel rechts van een planeet staat of links ervan!
Afb. De afbeelding geeft de posities weer van de maan tussen de sterren en
de planeten op 21 tot 26 april om 22 uur 's avonds.
De intensief glanzende Venus is gemarkeerd door een groene stip. De lichtzwakke,
oranjekleurige Mars door een rode stip en Saturnus, die bij de linker voet van
de Tweelingen staat, door een blauwe stip.
De zonneweg is weergegeven door een gestreepte lijn. De sikkel staat de volgende
avond verder ten noorden van de ecliptica.
Zie de afbeelding in groter formaat.
Het komt helaas maar relatief weinig voor dat een planeet in de maan-schaal verschijnt. Zoiets biedt immers de fraaiste hemelbeelden.
Meestal loopt de maan aan de planeet boven- of onderlangs voorbij. De maan volgt in haar gang door de Dierenriem niet de zonneweg. Elke maand staat ze twee weken ten noorden ervan, twee weken ten zuiden. Ze kan zich max. 5 graden van de ecliptica verwijderen.
Op 20 april steekt de maan de zonneweg over van zuid naar noord (de stijgende knoop bevindt zich in de Ram).
Wie goede ogen heeft kan op 23 april overdag waarnemen dat de maansikkel onderlangs aan Venus voorbij trekt. Zoek tot 14 uur een lichtpuntje linksboven de bleke maan, tot 18 uur rechts erboven en daarna rechts eronder. Wanneer 's avonds de hemel donkerblauw is geworden, kun je op zoek gaan naar Mars. Hij staat links van de maan, ruim twee keer zo dicht als Venus. De maan trekt bovenlangs aan Mars voorbij. Nu ze zo dicht bij twee planeten staat, biedt de hemel zelfs van uur tot uur een andere aanblik!
Terwijl de maan op weg is van de Stier naar de Tweelingen wordt haar positie ten opzichte van de zonneweg steeds noordelijker. Op 25 april passeert ze Saturnus op veel grotere afstand dan Mars. De maan gaat van 24 tot 27 april gaat aanzienlijk noordelijker onder dan de zon op de langste dagen van het jaar.
De maansikkels verfraaien de hemel, een sikkel bij een planeet is als een versiering van deze planeet. Hoe ragfijner de sikkel is die bij de planeet staat en hoe dichter ze bij elkaar staan, hoe meer ze onze aandacht trekken. De wassende maan is smaller wanneer ze bij Mars staat dan bij Saturnus.
De grootte van de schijngestalte van de maan vertelt ons hoe de planeet zich verhoudt tot de zon.
De maan laat zich elke dag anders zien. Ze versiert de hemel elke dag op een andere wijze, ze staat steeds anders tussen de planeten en de sterren. De wassende en afnemende maan opent onze ogen voor de hemel, voor die wereld die zo ver verwijderd is van het dagelijks leven
De maan snelt door de Dierenriem en binnen een maand is ze aan alle planeten voorbij getrokken. Ze heeft een dienende functie, ze laat zien hoe alle planeten zich verhouden tot de zon.
Ze vormt als het ware de poort tussen het aardse leven en de hemelse
wijdsheid.