Mars in september

Elke lus van Mars is anders

Mars is begin deze maand een zeer opvallend verschijnsel, zo helder is zijn oranjekleurig licht. In de loop van de maand staat hij – om bijv. 21 uur – steeds hoger aan de zuidoostelijke hemel, hij krijgt dus voor het zicht een betere positie. Eind september is hij nog wel het helderste licht aan de avondhemel, maar trekt hij echter veel minder de aandacht. De intensiteit van zijn licht neemt in september bijzonder snel af. Bij deze planeet is het altijd zo dat direct na de fase van grootste glans de lichtsterkte snel vermindert. Dit jaar vindt er echter iets bijzonders plaats: zo snel verbleken gebeurt pas weer over 284 jaren.

De afbeelding laat zien waarmee dit samenhangt. De aarde (groene kleur) is in het midden afgebeeld. De gestreepte witte cirkel geeft de jaarlijkse zonnebaan weer. Aan de rand van de cirkel staan de symbolen van de Dierenriem.

Afb. De verhoudingen van Mars tot de aarde (van 1953 tot 1970).
Uit: Joachim Schultz: Rhythmen der Sterne, Verlag am Goetheanum, Dornach, Schweiz.
De afbeelding in grotere formaten

Omstreeks 10 augustus komt de zon in de Leeuw. Van 17 september tot 23 oktober doorloopt de zon de Maagd. Een half jaar later, van 16 februari tot 12 maart, doorloopt de zon de Waterman en komt hij in de Vissen. Volgend jaar verlaat de zon weer omstreeks 17 september de Leeuw. De zon doorloopt in een jaar de Dierenriem. Mars verhoudt zich tot de aarde geheel anders. Meestal is hij verder verwijderd van de aarde dan de zon. Maar wanneer hij een lus beschrijft, komt hij veel dichter bij de aarde dan de zon is. Iedere twee jaar verandert de oostwaartse gang langs de sterren in een westwaartse. Na ongeveer twee maanden hervat hij weer zijn oostwaartse beweging. Tijdens het midden van de westwaartse, zg. teruglopende gang komt hij in oppositie met de zon. Op 28 augustus 2003 stond Mars – in de Waterman – in oppositie met de zon, die zich bevond in de Leeuw. In die tijd stond hij het dichtst bij de aarde en was hij op zijn helderst.

Mars beschrijft in 15 jaar zeven verschillende lussen. De lus in de Waterman is de kleinste, bijna twee keer zo smal als de lus in de Leeuw. Mars kan in de Waterman veel dichter bij de aarde komen dan wanneer hij in de Leeuw zijn heen-en-weergaande beweging maakt.

De afbeelding geeft tevens een indruk van het tijdsgebeuren:
    Mars nadert in de Waterman de aarde met meer vaart,
    hij heeft kortere tijd zijn teruggaande fase
    en verwijdert zich sneller van de aarde, dan wanneer hij in de Leeuw zijn lus beschrijft.

Dit hangt samen met de elliptische baan van Mars om de zon. Op de dag dat hun afstand het geringst is (perihelium-dag), staat Mars in de Waterman, dit gezien vanuit de zon. In 2003 zijn er maar twee dagen verschil tussen periheliumdag en de dag dat Mars - aarde - zon precies op een lijn staan (resp 30 en 28 augustus). Zou er een nog kleiner tijdsverschil zijn tussen deze beide "hoogtepunten", dan zou Mars nog dichter bij de aarde staan dan dit jaar. Dat gebeurt in 2287.

Wanneer Mars en Jupiter tegelijk een lus in de Waterman beschrijven, staan ze twee jaar daarvoor en twee jaar daarna eveneens maandenlang dicht bij elkaar. Wanneer Mars en Saturnus tegelijk een lus in de Leeuw beschrijven, zijn ze twee jaar daarvoor of daarna maandenlang samen te zien. Het lusritme van Mars heeft in de Waterman verwantschap met Jupiter en in de Leeuw met Saturnus.
De zg. onregelmatige Mars toont een subtiel ritme.